Matthäus Passion
(1729)
een ritualisatie een nieuwe visie


Johann Sebastian Bach
libretto Picander
(Christian Friedrich Henrici)

Philarmonie Berlin 2010 De Nieuwe Kerk Amsterdam 2017


Berliner Philarmoniker
o.l.v. Simon Rattle Holland Baroque o.l.v. Reinbert de Leeuw

Rundfunkchor Berlin + Knaben des Staats- und Domchors Berlin Nederlands Kamerkoor + Roder Jongenskoor


Ritualisatie Peter Sellars concertuitvoering




Goede Vrijdag 3 april 2015
Goede Vrijdag 30 maart 2018
15.00 uur


Bang & Olufsen
Nwe Ginnekenstraat 49
Breda




     




bestellen cd/dvd
     






Evangelist
Jezus
sopraanrecitatieven/aria's
altrecitatieven/aria's
tenorrectitaieven/aria's
basrecitaiven/aria's

Mark Padmore Benedikt Kristjánsson
Christian Gerhaher Andreas Wolf
Camilla Tilling Joanne Lunn
Magdalena Kozená Delphine Galou
Topi Lehtipuu Christopher Watson
Thomas Quasthoff Tomáš Král





























     
 

Achtergrond 

 

Passiemuziek

De passiemuziek is rond de 10e eeuw ontstaan in het Middeleeuwse Gregoriaans. Gedurende de passietijd (de twee weken voor Pasen vanaf Passiezondag) werden de (Latijnse) lijdensverhalen uit de vier evangelies voorgezongen tijdens de mis. Dat gebeurde door drie priesters of diakens die (eenstemmig) de rol van verteller, Christus en het volk vertolkten. De tekst kwam letterlijk uit het evangelie (koraalpassie).

 In de Renaissance kwam de meerstemmigheid (polyfonie) op. De muziek werd voorzien van harmonieën en verdeeld in meerstemmige muziekstukken (motetpassie). De meerstemmige onderdelen werden uitgevoerd door een of meer koren.

In de Barok ontwikkelde de passiemuziek zich tot een combinatie van eenstemmige verhaallijnen, meerstemmige koorstukken en individuele aria's. Naast de tekst uit het evangelie, die onder invloed van de Reformatie in de eigen taal werd gezongen, voegde men overwegingen toe die dienden als reflectie op het lijdensverhaal. Deze vinden we vooral terug in de aria's en de koralen.

 

Passiemuziek en opera

Net als alle andere muziek onderging ook de passiemuziek vanaf 1600 de invloed van de monodie (eenstemmigheid). De tekst kwam weer centraal te staan, de muziek stond slechts ten dienste van het woord. Dat gold voor de eerste opera's en de nieuwe liederen die werden gecomponeerd, maar ook voor de liturgische muziek. Muziek diende de emoties uit te vergroten door middel van melodielijnen, ritmes en versieringen. Deze typische operakenmerken vinden we ook terug in de passiemuziek, zij het wat ingetogener dan in een opera.

Synopsis

Eerste deel

De Matthäus Passion begint met het machtig openingskoor Kommt, ihr Töchter, helft mir klagen, waarin we worden geconfronteerd met de aan het kruis geslagen Christus. Hierna vertelt de evangelist het lijdensverhaal zoals dat is vastgelegd in hoofdstuk 26 en 27 uit het evangelie van Mattheus, vanaf het laatste avondmaal tot Jezus' gevangenneming. Dit verhaal wordt afgewisseld met koorstukken, recitatieven en aria's, waarin het lijden zowel individueel (solisten) als collectief (koor) wordt beleefd en becommentarieerd. het wordt afgesloten met het koraal O mensch, bewein dein Sünde groβ.

 

Tweede deel

In dit deel vertelt de evangelist over de kruisiging en de dood van Christus. Ook dit wordt afgewisseld met muzikale reflecties door koor en solisten. De Matthäus Passion eindigt met het ontroerende slotkoor  Wir setzen uns mit Tränen nieder.

 

Ritualisatie

Regisseur Peter Sellars heeft de beeldende kracht van de Matthäus Passion als uitgangspunt genomen voor wat hij 'een ritualisatie' noemt. Hij wil geen theater, geen opera, maar een ritueel creëren waarbinnen het lijdensverhaal een menselijke aangelegenheid wordt, een ritueel waarbinnen onze emoties rond het lijdensverhaal van Christus gekanaliseerd kunnen worden.

De Matthäusmissie van Reinbert de Leeuw
Op het oog een verrassende combinatie: Holland Baroque, het Nederlands Kamerkoor en Reinbert de Leeuw. Toch gaat hiermee voor De Leeuw, ambassadeur van de avant-garde, een droom in vervulling. De Leeuw koestert een grote liefde voor de Matthäus-Passion. Door het simpele feit dat hij nu eenmaal vaker voor Messiaen, Cage en Schönberg werd gevraagd dan voor Bach, kwam het dirigeren van Bachs meesterwerk er lange tijd niet van. Natuurlijk heeft hij eigen ideeën over de muziek en de dramaturgie. Alle reden om uit te zien naar deze fascinerende symbiose, verbonden door een passie voor Bach. Ook Reinbert de Leeuw weet dat Bach in geen enkel hokje past en elk vooroordeel overstijgt. Dat maakt Bach-De Leeuw tot een vanzelfsprekende combinatie.