vorige opera      volgende opera


Il Sant'Alessio
(1632)

Stefano Landi
libretto Giulio Rospigliosi

Caen Théâtre de Caen 2007


Les Arts Florissants & La Maîtrise de Caen
o.l.v. William Christie
Regie Benjamin Laza



di/wo 11/12 nov 2014

19.00 uur


Bang & Olufsen
Nwe Ginnekenstraat 49
Breda




     





bestellen cd/dvd
     
























Sant'Alessio

Sposa

Eufemiano

Madre

Curtio

Nuntio

Martio

Demonio

Nutrice

Religione, Roma

Adrasto

Uno del choro

Angelo

Philippe Jaroussky

Max Emanuel Cencic

Alain Buet

Xavier Sabata

Damien Guillon

Pascal Bertin

José Lemos

Luigi De Donato

Jean-Paul Bonnevalle

Terry Wey

Ryland Angel

Ludovic Provost

Benjamin Hiraux

Pierre-Alain Mercier



















Achtergrond

Aandacht voor heiligenlevens 

Nadat de kerk in Rome bekomen was van de klap die de Reformatie in de loop van de 16e eeuw had uitgedeeld, zette men de tegenaanval in: de Contrareformatie. Op het Concilie van Trente (1545-1563) werd heftig gediscussieerd over de vraag hoe de gelovigen weer terug in de kerk te krijgen. Een van de uitkomsten was om de gezangen van de liturgie meer verstaanbaar te maken. Dit leidde mede tot het ontstaan van de monodie (eenstemmigheid) die de ontwikkeling van de opera sterk zou bepalen. Een andere beslissing was om tegenover de eenvoud die de reformatie predikte de grootsheid van de katholieke kerk te laten zien. Dat leidde tot opdrachten voor grootse barokwerken in de kerken zoals schilderingen en beeldhouwwerken over het oude en nieuwe testament maar ook over heiligenlevens. Zo'n heiligenleven was het verhaal van Alessio, een jonge edelman die tijdens zijn eerste huwelijksnacht het huis verliet om een kluizenaarsleven te leiden. Na jaren van omzwervingen komt hij terug en leeft incognito als bedelaar onder de trappen van het ouderlijk paleis. Hij ziet hoe zijn vrouw en zijn ouders nog steeds lijden onder zijn plotselinge verdwijning. Toch wil hij zich niet bekend maken, hij wil als kluizenaar leven voor God. Als hij sterft, maakt God duidelijk wie hij is en wordt zijn lijk geëerd en beweend door zijn vrouw, zijn moeder, een koor van engelen en deugden.

 

Aandacht voor grote emoties 

Het verschil met vroegere heiligenverhalen is dat de barok veel meer aandacht besteed aan emotionele zaken zoals het leed dat de heilige ondergaat (of in dit geval berokkent). Diepgaande aandacht voor de gemoedsgesteldheid is een nieuw, typisch barok verschijnsel. Dat gold met name voor de muziek en zeker voor de opera. Daarin werden de emoties sterk uitvergroot in de aria's die ten tijde van Stefano Landi nog vooral in de stijl van Monteverdi geschreven werden: sierlijke verhaallijnen met instrumentale ondersteuning die het affect kleur gaf. (Pas later zou de da-capio-aria zich ontwikkelen met zijn vele coloraturen en hoogstandjes voor met name de castraten.) Ook aan het pauselijk hof van de Barberini's bloeide deze praktijk. Aan dit hof werd ook Il Sant'Alessio voor het eerst opgevoerd. (Pas vanaf 1637 zouden opera's en oratoria in openbare theaters worden opgevoerd.)

 

Alleen voor mannen

Vrouwen mochten aan het kerkelijk hof niet op het toneel staan. Alle vrouwelijke rollen werden - evenals de hoofdrol - gespeeld en gezongen door (verklede) castraten. In deze uitvoering gebeurt dat door de beste countertenors van dit moment: Philippe Jaroussky (Alessio), Max Emanuel Cencic (vrouw van Alessio) en Xavier Sabata (moeder van Alessio).

 

Vernieuwing

Wat Il Sant'Alessio vernieuwend maakt, is de mix van nieuwe muziekstijlen die Stefano Landi toepast, met name de combinatie van humor en passie, vergelijkbaar met de stijl van Shakespeare. Na een lamento kan zomaar ineens een slapstick volgen. En het is de duivel die op komische wijze de waarheid vertelt.

 

Synopsis

Proloog
De figuur Rome presenteert een van haar roemrijkste zonen: de heilige Alessio (Alexius). Ze vertelt over zijn leven en de moeilijke perioden die zijn familie heeft doorgemaakt.

 

Akte 1
Alessio is de zoon van de Romeinse senator Eufemiano. Op een bijeenkomst treft deze de jonge Romeinse edelman Adrastro en vertelt hem over de verdwijning van zijn zoon Alessio. Tijdens zijn bruiloftsnacht, vele jaren geleden, is hij plotseling verdwenen. Adastro zegt dat hij wellicht in Palestina is gesignaleerd. Wat beide niet weten, is dat Alessio op dit moment als bedelaar onder de trappen van zijn vaders paleis woont. Hij heeft zich vermomd en onherkenbaar gemaakt. Hij was gevlucht voor de aardse verlangens en geneugten om puur en zuiver te leven. Zo wilde hij het koninkrijk van de hemel verdienen. Sinds zijn verdwijning is hij getuige geweest van het leed dat hij zijn vrouw en familie heeft aangedaan.
 

De twee pages Martius en Curtius zien Alessio voor een bedelaar aan en steken de draak met hem. Dan verschijnt Demon met zijn koor en probeert Alessio over te halen zijn kluizenaarsleven op te geven.

De voedster, de moeder en de vrouw van Alessio beklagen zich over de afwezigheid van Alessio. In hun verdriet vragen ze zich af wat er in die bruiloftsnacht is gebeurd.

Ondertussen zijn de pages bezig met hun eigen amusement en bespotten de pelgrimbedelaar in een komische scène.

Akte 2

Eufemiano beweent zijn lot. Demon besluit de vrouw van Alessio over te halen op reis te gaan om Alessio te zoeken; hij hoopt dat Alessio dit hoort en zichzelf dan bekend maakt om zijn vrouw te behoeden voor een risicovolle onderneming. Als de vrouw van Alessio zich klaarmaakt voor de reis, waarschuwt de voedster Alessio's moeder. In plaats van haar de reis te ontraden besluit Alessio's moeder om mee te gaan. Als Alessio dit hoort, maakt hij zich zorgen en overreedt de twee vrouwen (zonder zich bekend te  maken) om niet gaan.

Verkleed als een kluizenaar somt Demon een aantal argumenten op waarom Alessio zich beter bekend kan maken. Maar een engel ontmaskert de identiteit van de zogenaamde kluizenaar. Tegen Alessio zegt hij dat God hem tot zich roept en dat hij binnenkort zal sterven. Alessio is blij met deze boodschap en sterft.

 

 Akte 3
Demon is woedend, omdat zijn plan is mislukt en keert terug naar de hel. In het huis van Eufemiano haast iedereen zich om het stoffelijk overschot van Alessio eer te betuigen. God had zijn identiteit bekend gemaakt en verteld over zijn vrome leven. Alessio's vrouw, zijn vader en moeder bewenen het lijk. Ze lezen de brief die Alessio hen kort voor zijn dood heeft geschreven. Zijn vreugde om bij God te zijn is hun tot troost.

Religie, het koor van Engelen en het koor van Deugden zingen een loflied en groeten de gelukkige Rome die zichtbaar blij is met zo'n heilige.