![]() ![]() ![]() ![]() |
Koraalteksten en
vrije gedichten door Heinrich Brockes,
Christian Heinrich en Christian Weise Rundfunkchor Berlin Münchner Bach-Chor
|
![]() |
||
![]() ![]() |
![]() ![]() ![]() bestellen cd/dvd |
|||
![]() ![]() ![]() ![]() |
Evangelist |
Mark Padmore
Ernst Haefliger
|
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
|
![]() ![]() ![]() ![]() |
||||
Achtergrond
Passiemuziek De passiemuziek is rond de 10e eeuw ontstaan in het Middeleeuwse Gregoriaans. Gedurende de passietijd (de twee weken voor Pasen vanaf Passiezondag) werden de (Latijnse) lijdensverhalen uit de vier evangelies voorgezongen tijdens de mis. Dat gebeurde door drie priesters of diakens die (eenstemmig) de rol van verteller, Christus en het volk vertolkten. De tekst kwam letterlijk uit het evangelie (koraalpassie). In de Renaissance kwam de meerstemmigheid (polyfonie) op. De muziek werd voorzien van harmonieën en verdeeld in meerstemmige muziekstukken (motetpassie). De meerstemmige onderdelen werden uitgevoerd door een of meer koren. In de Barok ontwikkelde de passiemuziek zich tot een combinatie van eenstemmige verhaallijnen, meerstemmige koorstukken en individuele aria's. Naast de tekst uit het evangelie, die onder invloed van de Reformatie in de eigen taal werd gezongen, voegde men overwegingen toe die dienden als reflectie op het lijdensverhaal. Deze vinden we vooral terug in de aria's en de koralen.
Passiemuziek en opera Net als alle andere muziek onderging ook de passiemuziek vanaf 1600 de invloed van de monodie (eenstemmigheid). De tekst kwam weer centraal te staan, de muziek stond slechts ten dienste van het woord. Dat gold voor de eerste opera's en de nieuwe liederen die werden gecomponeerd, maar ook voor de liturgische muziek. Muziek diende de emoties uit te vergroten door middel van melodielijnen, ritmes en versieringen. Deze typische operakenmerken vinden we ook terug in de passiemuziek, zij het wat ingetogener dan in een opera. |
Synopsis Eerste deel Het eerste deel is erg kort, het beschrijft slechts de gevangenneming van Jezus, de voorleding voor de Joodse hogepriesters en de verloochening van Petrus. Het korte eerste deel vormt samen met het lang tweede deel het kruis dat centraal staat in de openbaring dat Jezus de mensheid heeft verlost. In tegenstelling tot het Mattheusevangelie, waar de lijdende Jezus centraal staat, legt Johannes de nadruk op de heersende Jezus die weet wat hem te doen staat en zich gedraagt als een hemelse koning.
Tweede deel Jezus wordt doorgestuurd naar het paleis van Pilatus. Deze ondervraagt hem over zijn koningschap, de gevangenbewaarders bespotten hem daarmee door een doornen kroon op zijn hoofd te zetten en hem een purperen mantel om te doen. Ook de reactie van het Joodse volk gaat om het koningschap, als ze roepen dat ze geen andere koning kennen dan de keizer. Een vreemde uitlating voor wie door diezelfde keizer onderdrukt wordt. Daarop volgt vrijwel meteen de kruisiging als 'koning van de Joden'. Bij het evangelie Johannes speelt de vervulling van het Oude Testament een grote rol, reden waarom Jezus zegt dat hij dorst heeft, want dat was voorspeld in de Schrift net als het feit dat zijn benen niet verbrijzeld zouden worden. De passie eindigt met de begrafenis van Jezus, gevolgd door het slotkoor Ruht wohl en het slotkoraal Ach Herr, lass dein lieb Engelein.
Ritualisatie Regisseur Peter Sellars
heeft de beeldende kracht van de Johannes
Passion als uitgangspunt genomen voor wat hij
'een ritualisatie' noemt. Hij wil geen theater,
geen opera, maar een ritueel creëren waarbinnen
het lijdensverhaal een koninklijke aangelegenheid
wordt, een ritueel waarbinnen onze emoties gekanaliseerd
kunnen worden. De film biedt een indrukwekkende filmische uitvoering in de Dom te Speyer naar de legendarische uitvoering o.l.v. Karl Richter in 1964. |